FML (onderdelen)

 

Klik hier voor een weergave van FML

FML
t.b.v. arbeidsdeskundige beoordeling

RUBRIEK I: PERSOONLIJK FUNCTIONEREN

  • Concentreren van de aandacht
  • Normaal, kan zich tenminste een half uur concentreren op één informatiebron (boek, documentaire op radio of tv)
  • Beperkt, kan zich niet langer dan een half uur concentreren op één informatiebron (krant, actualiteitenprogramma op radio of tv)
  • Sterk beperkt, kan zich niet langer dan 5 minuten concentreren op één informatiebron (reclamefolder, reclamespots op radio of tv)

 

  • Verdelen van de aandacht
  • Normaal, kan tenminste een half uur de aandacht verdelen over meerdere informatiebronnen (zichzelf verplaatsen met auto of fiets in druk stadsverkeer)
  • Beperkt, kan niet langer dan een half uur de aandacht verdelen over meerdere informatiebronnen (zichzelf verplaatsen met auto of fiets in druk stadsverkeer)
  • Sterk beperkt, kan niet langer dan langer dan 5 minuten de aandacht verdelen over meerdere informatiebronnen (zelfstandig een drukke straat oversteken)

 

  1. Herinneren
  • Normaal, kan zich meestal tijdig, zonder ongebruikelijke hulpmiddelen, relevante zaken herinneren
  • Beperkt, moet regelmatig dingen apart opschrijven als geheugensteun om de continuïteit van het handelen te waarborgen
  • Sterk beperkt, weet zich voortdurend onontbeerlijke alledaagse gegevens (tijd, plaats, persoon, onderwerp) niet te herinneren en kan dit niet compenseren met hulpmiddelen

 

  • Inzicht in eigen kunnen
  • Normaal, schat meestal de eigen mogelijkheden en beperkingen redelijk in
  • Beperkt, overschat meestal ernstig de eigen mogelijkheden
  • Beperkt, overschat meestal ernstig de eigen beperkingen

 

  • Doelmatig handelen (taakuitvoering)

    (gecoördineerd handelen, eigen activiteiten afstemmen op het realiseren van een doel)

  • Normaal, geen specifieke beperkingen in het doelmatig handelen in de routine van het dagelijks leven (staat op tijd op, wast zich, kleedt zich aan, maakt ontbijt klaar, ontbijt, sluit de huisdeur af en verschijnt op tijd op afspraken)
  • Beperkt, start niet tijdig activiteiten om het gestelde doel te bereiken
  • Beperkt, voert de benodigde activiteiten niet in een logische volgorde uit
  • Beperkt, controleert het verloop van de activiteiten niet
  • Beperkt, beëindigt de activiteiten niet als het gestelde doel bereikt is, of niet bereikt kan worden
  • Anderszins beperkt in doelmatig handelen, namelijk kan niet zelfstandig functioneren thuis

 

  • Zelfstandig handelen (zelfstandige taakuitvoering)
  • Normaal, geen specifieke beperkingen in het zelfstandig handelen in het dagelijks leve
  • Beperkt, neemt meestal niet uit zichzelf het initiatief tot handelen
  • Beperkt, stelt zichzelf meestal geen doelen
  • Beperkt, bedenkt meestal zelf geen handelingsvarianten
  • Beperkt, besluit meestal zelf niet welke aanpak de meest geëigende is
  • Beperkt, onderkent meestal zelf niet wanneer de gevolgde aanpak tekortschiet
  • Beperkt, kiest in dat geval meestal niet zelf voor een alternatieve aanpak of een ander doel
  • Beperkt, gaat uit zichzelf meestal niet door totdat het doel bereikt is
  • Beperkt, doet niet zelf tijdig een beroep op hulp van anderen, wanneer de situatie dat gebiedt Anderszins beperkt in het zelfstandig handelen, namelijk……..

 

  • Handelingstempo
  • Normaal, er zijn geen specifieke beperkingen in het handelingstempo in het dagelijks leven
  • Beperkt, het handelingstempo is aanmerkelijk vertraagd

 

  • Overige beperkingen in het persoonlijk functioneren
  • Normaal, geen specifieke overige beperkingen in het persoonlijk functioneren in het dagelijks leven beperkt,
  • specifieke overige beperkingen, namelijk traag denken en handelen

 

  • Specifieke voorwaarden voor het persoonlijk functioneren in arbeid

    (is het functioneren in arbeid door de genoemde beperkingen, of het daarop gerichte compensatiegedrag, afhankelijk van specifieke voorwaarden?)

  • Nee, er gelden geen specifieke voorwaarden voor het persoonlijk functioneren in arbeid
  • Ja, de cliënt is aangewezen op volledig vóórgestructureerd werk: concrete enkelvoudige opdrachten (wat, wanneer, hoe lang; één taak per opdracht) en voorgeschreven uitvoeringswijzen (hoe)
  • Ja, de cliënt is aangewezen op vaste, bekende werkwijzen (routine-afhankelijk)
  • Ja, de cliënt is aangewezen op werk dat onder rechtstreeks toezicht (veelvuldig feedback) en/of onder intensieve begeleiding wordt uitgevoerd
  • Ja, de cliënt is aangewezen op werk waarbij hij niet wordt afgeleid door activiteiten  van anderen
  • Ja, de cliënt is aangewezen op een voorspelbare werksituatie, kan niet flexibel inspelen op sterk wisselende uitvoeringsomstandigheden en/of taakinhoud
  • Ja, de cliënt is aangewezen op een werksituatie zonder veelvuldige storingen en onderbrekingen
  • Ja, de cliënt is aangewezen op werk zonder veelvuldige deadlines of productiepieken
  • Ja, de cliënt is aangewezen op werk waarin geen hoog handelingstempo vereist is
  • Ja, de cliënt is aangewezen op werk zonder verhoogd persoonlijk risico
  • Ja, er gelden overige specifieke voorwaarden voor het persoonlijk functioneren in arbeid, namelijk

 

  • RUBRIEK II: SOCIAAL FUNCTIONEREN

  • Zien
  • Normaal, geen specifieke beperking in het dagelijks functioneren
  • Beperkt, namelijk

 

  • Horen
  • Normaal, geen specifieke beperking in het dagelijks functioneren
  • Beperkt, namelijk

 

  • Spreken
  • Normaal, geen specifieke beperking in het dagelijks functioneren
  • Beperkt, namelijk

 

  • Schrijven
  • Normaal, geen specifieke beperking in het dagelijks functioneren
  • Beperkt, namelijk

 

  • Lezen
  • Normaal, geen specifieke beperking in het dagelijks functioneren
  • Beperkt, namelijk

 

  • Emotionele problemen van anderen hanteren
  • Normaal, kan zich meestal wel inleven in problemen van anderen, maar kan
  • daarvan ook afstand nemen in gedrag en beleving
  • Beperkt, trekt zich meestal problemen van anderen erg aan; kan desondanks wel
  • voldoende afstand nemen in gedrag, echter niet in beleving
  • Sterk beperkt, identificeert zich meestal met problemen van anderen en kan
  • daarvan noch in gedrag, noch in beleving afstand nemen

 

  • Eigen gevoelens uiten
  • Normaal, kan meestal persoonlijke gevoelens op een voor anderen duidelijke en
  • acceptabele manier in woord en gedrag tot uiting brengen
  • Beperkt, brengt anderen in verwarring door onduidelijke, onvoorspelbare of
  • onconventionele wijze van gevoelsuitingen
  •  Sterk beperkt, is meestal niet in staat gevoelens te uiten (blokkeert zichzelf) of uit
  • deze ongecontroleerd (ongeremd), ongeacht de reacties van anderen.

 

  • Omgaan met conflicten
  • Normaal, kan een conflict met agressieve of onredelijke mensen in rechtstreeks
  • contact hanteren
  • Beperkt, kan een conflict met agressieve of onredelijke mensen uitsluitend in
  • telefonisch of schriftelijk contact hanteren
  • Sterk beperkt, kan meestal geen conflicten hanteren

 

  • Samenwerken
  • Normaal, kan in onderlinge afstemming met anderen een taak gezamenlijk
  • uitvoeren (werken in teamverband)
  • Beperkt, kan met anderen werken, maar met een eigen, van tevoren afgebakende
  • deeltaak
  • Sterk beperkt, kan in de regel niet met anderen werken

 

  • Vervoer
  • Normaal, kan autorijden of fietsen, of zelfstandig gebruik maken van het openbaar
  • vervoer
  • Beperkt, is voor vervoer aangewezen op hulp van anderen 

 

  • Overige beperkingen in het sociaal functioneren
  • Normaal, geen specifieke overige beperkingen in het sociaal functioneren in het
  • dagelijks leven
  • Beperkt, specifieke overige beperkingen, namelijk

 

  • Specifieke voorwaarden voor het sociaal functioneren in arbeid

    (is het sociaal functioneren in arbeid door de genoemde beperkingen, of het daarop gerichte compensatiegedrag, afhankelijk van specifieke voorwaarden?)

 

  • Nee, er gelden geen specifieke voorwaarden voor het sociaal functioneren in arbeid
  • Ja, de cliënt is aangewezen op werk waarin meestal weinig of geen rechtstreeks contact met klanten vereist is (sommige beroepen in de dienstverlening)
  • Ja, de cliënt is aangewezen op werk waarin meestal weinig of geen direct contact met patiënten of hulpbehoevenden vereist is (sommige beroepen in de zorg- en hulpverlening)
  • Ja, de cliënt is aangewezen op werk waarin zo nodig kan worden teruggevallen op directe collega’s of leidinggevenden (géén solitaire functie)
  • Ja, de cliënt is aangewezen op werk waarin meestal geen direct contact met collega’s vereist is
  •  Ja, de cliënt is aangewezen op werk dat geen leidinggevende aspecten bevat
  • Ja, er gelden overige specifieke voorwaarden voor het sociaal functioneren in arbeid,    namelijk ……….

 

  • RUBRIEK III: AANPASSING AAN FYSIEKE OMGEVINGSEISEN
  •  
  1. Hitte
  • Normaal, geen specifieke beperkingen
  • Beperkt, namelijk
  •  
  1. Koude
  • Normaal, geen specifieke beperkingen
  • Beperkt, namelijk niet buiten werken in winterseizoen
  •  
  1. Tocht
  • Normaal, geen specifieke beperkingen
  • Beperkt, namelijk
  •  
  1. Huidcontact
  • Normaal, geen specifieke beperkingen
  • Beperkt, namelijk
  •  
  1. Beschermende middelen
  • Normaal, geen specifieke beperkingen
  • Beperkt, namelijk
  •  
  1. Stof, rook, gassen en dampen
  • Normaal, geen specifieke beperkingen
  • beperkt, namelijk
  •  
  1. Geluidsbelasting
  • Normaal, geen specifieke beperkingen
  • Beperkt, namelijk
  •  
  1. Trillingsbelasting
  • Normaal, geen specifieke beperkingen
  • Beperkt, namelijk
  •  
  1. Overige beperkingen van de fysieke aanpassingsmogelijkheden
  • Normaal, geen specifieke overige beperkingen in de aanpassing aan fysieke omgevingseisen
  • Allergie, namelijk
  • Verhoogde vatbaarheid voor infecties, namelijk
  • Verzwakte huidbarrière, namelijk
  • Andere beperkingen, namelijk
  1. Specifieke voorwaarden voor de aanpassing aan de fysieke arbeidsomgeving
  • (is de aanpassing aan de arbeidsomgeving door de genoemde beperkingen, of het daarop gerichte compensatiegedrag, afhankelijk van specifieke voorwaarden?)
  • Nee, er gelden geen specifieke voorwaarden voor de aanpassing aan de fysieke arbeidsomgeving
  • Ja, er gelden specifieke voorwaarden voor de aanpassing aan de fysieke
  • arbeidsomgeving, namelijk
  •  
  • RUBRIEK IV: DYNAMISCHE HANDELINGEN
  •   
  1. Dominantie
  • Niet van toepassing
  • Rechts
  • Links
  •  
  1. Lokalisatie beperkingen
  • Niet van toepassing
  • Rechts
  • Links
  • Tweezijdig
  •  
  1. Hand- en vingergebruik
  • Normaal, geen specifieke beperkingen bij het gebruik van handen en vingers in het
  • dagelijks leven
  • Beperkt, kan de bolgreep niet of nauwelijks uitvoeren
  • Beperkt, kan de pengreep niet of nauwelijks uitvoeren
  • Beperkt, kan de pincetgreep niet of nauwelijks uitvoeren
  • Beperkt, kan de sleutelgreep niet of nauwelijks uitvoeren
  • Beperkt, kan de cilindergreep niet of nauwelijks uitvoeren
  • Beperkt, kan niet of nauwelijks knijp/grijpkracht uitoefenen
  • Beperkt, is niet of nauwelijks in staat tot fijn-motorische hand/vingerbewegingen
  • Beperkt, is niet of nauwelijks in staat tot repetitieve hand/vingerbewegingen
  •  
  1. Tastzin
  • normaal, geen specifieke beperkingen in het dagelijks leven
  • Beperkt, namelijk
  •  
  1. Toetsenbord bedienen en muis hanteren
  • Normaal, kan alle hiervoor benodigde bewegingen uitvoeren
  • Beperkt, namelijk
  •  
  1. Werken met toetsenbord en muis
  • Normaal, kan zo nodig gedurende het merendeel van de werkdag toetsenbord bedienen en muis           hanteren (professioneel tekstverwerken, programmeren, CAD/CAM werk, elektronische verkoop)
  • Licht beperkt, kan zo nodig gedurende de helft van de werkdag (ongeveer 4 uren) toetsenbord             bedienen en muis hanteren (beleidsmedewerker)
  • Beperkt, kan zo nodig gedurende een beperkt deel van de werkdag (ongeveer 1uur)       toetsenbord bedienen en muis hanteren (“e-mailen”)
  • Sterk beperkt, kan gedurende minder dan een half uur per werkdag toetsenbord bedienen en muis hanteren
  1. Schroefbewegingen met hand en arm
  • normaal, geen specifieke beperkingen in het dagelijkse leven
  • Beperkt, namelijk
  •  
  1. Reiken
  • Normaal, kan met gestrekte arm reiken (kopje koffie serveren)
  • Licht beperkt, kan met licht gebogen arm reiken (afstand schouder-hand: ongeveer
  • 50-60 cm)
  • Beperkt, kan met sterk gebogen arm reiken (afstand schouder-hand minder dan
  • ongeveer 50 cm)
  •  
  1. Frequent reiken tijdens het werk (ongeveer 20 keer per minuut)
  • Normaal, kan zo nodig tijdens elk uur van de werkdag frequent reiken (kassawerk
  • in grootwinkelbedrijf, inpakwerk)
  • Licht beperkt, kan zo nodig tijdens ongeveer 4 uren per werkdag frequent reiken
  • Beperkt, kan zo nodig tijdens ongeveer een uur per werkdag frequent reiken
  • Sterk beperkt, kan niet tijdens ongeveer half een uur per werkdag frequent reiken
  •  
  1. Buigen
  • Normaal, kan ongeveer 90 graden buigen (papiertje van de grond oprapen)
  • Beperkt, kan ongeveer 60 graden buigen (tas van de grond oppakken)
  • Sterk beperkt, kan ongeveer 45 graden buigen (kruimels uit stoelzitting oprapen)
  •  
  1. Frequent buigen tijdens het werk (ongeveer 10 keer per minuut)
  • Normaal, kan zo nodig tijdens elk uur van de werkdag frequent buigen
  • Licht beperkt, kan zo nodig tijdens ongeveer 4 uren per werkdag frequent buigen
  • Beperkt, kan zo nodig tijdens ongeveer een uur per werkdag frequent buigen
  • Sterk beperkt, kan niet tijdens ongeveer een uur per werkdag frequent buigen
  •  
  1. Torderen
  • Normaal, kan de romp tenminste 45 graden draaien (achterom kijken op de fiets;
  • vóórin zittend een tas van de achterbank van de auto pakken)
  • Beperkt, namelijk
  •  
  1. Duwen of trekken
  • Normaal, kan ongeveer 15 kgf duwen of trekken (klemmende deur openen)
  • Beperkt, kan ongeveer 10 kgf duwen of trekken (volle vuilniscontainer)
  • Sterk beperkt, kan ongeveer 5 kgf duwen of trekken (deur met dranger openen)
  •  
  1. Tillen of dragen
  • Normaal, kan ongeveer 15 kg tillen of dragen (kleuter)
  • Licht beperkt, kan ongeveer 10 kg tillen of dragen (peuter)
  • Beperkt, kan ongeveer 5 kg tillen of dragen (zak aardappelen)
  • Sterk beperkt, kan ongeveer 1 kg tillen of dragen (literpak melk)
  •  
  1. Frequent lichte voorwerpen hanteren tijdens het werk (ongeveer 10 keer per/min.)
  • Normaal, kan zo nodig tijdens elk uur van de werkdag frequent voorwerpen van
  • ruim 1 kg hanteren (orderverzamelaar)
  • Licht beperkt, kan zo nodig tijdens ongeveer 4 uren per werkdag voorwerpen van
  • ruim 1 kg hanteren
  • Beperkt, kan zo nodig tijdens ongeveer een uur per werkdag frequent voorwerpen
  • van ruim 1 kg hanteren
  • Sterk beperkt, kan niet tijdens ongeveer een uur per werkdag voorwerpen van ruim
  • 1 kg hanteren
  •  
  1. Frequent zware lasten hanteren tijdens het werk (ongeveer 10 keer per uur)
  • Normaal, kan zo nodig tijdens ongeveer een uur per werkdag frequent lasten van ongeveer 15 kg hanteren
  • Beperkt, kan niet tijdens ongeveer een uur per werkdag frequent lasten van ongeveer 15 kg     hanteren
  •  
  1. Hoofdbewegingen maken
  • Normaal, kan het hoofd ongehinderd bewegen
  • Beperkt, kan het hoofd beperkt bewegen
  • Sterk beperkt, kan het hoofd niet of nauwelijks zijwaarts draaien
  • Sterk beperkt, kan het hoofd niet of nauwelijks op en neer bewegen
  •  
  1. Lopen
  • Normaal, kan ongeveer een uur achtereen lopen (wandeling)
  • Licht beperkt, kan ongeveer een half uur achtereen lopen (ommetje)
  • Beperkt, kan ongeveer een kwartier achtereen lopen (naar de brievenbus)
  • Sterk beperkt, kan minder dan ongeveer 5 minuten achtereen lopen (binnenshuis)
  •  
  1. Lopen tijdens het werk
  • Normaal, kan zo nodig gedurende het merendeel van de werkdag lopen (postbode)
  • Licht beperkt, kan zo nodig gedurende de helft van de werkdag (ongeveer 4 uren)
  • lopen
  • Beperkt, kan zo nodig gedurende een beperkt deel van de werkdag (ongeveer 1
  • uur) lopen
  • Sterk beperkt, kan gedurende minder dan ongeveer een half uur per werkdag lopen
  •  
  1. Trappenlopen
  • Normaal, kan tenminste in één keer twee trappen op en af (2 verdiepingen
  • woonhuis)
  • Licht beperkt, kan tenminste in één keer een trap op en af (1 verdieping woonhuis)
  • Beperkt, kan tenminste in één keer één trap op of af (1 verdieping woonhuis)
  • Sterk beperkt, kan in één keer slechts een bordestrapje op- of aflopen
  •  
  1. Klimmen
  • normaal, kan tenminste een ladder op en af (1 verdieping)
  • licht beperkt, kan tenminste een huishoudtrap op en af
  • beperkt, kan tenminste een opstapje op en af
  • sterk beperkt, kan geen opstap maken
  •  
  1. Knielen of hurken
  • Normaal, kan knielend of hurkend met de handen de grond bereiken (een muntstuk
  • oprapen)
  • Beperkt, kan niet of nauwelijks knielend of hurkend met de handen de grond
  • bereiken
  •  
  1. Overige beperkingen van het dynamisch handelen
  • Normaal, geen specifieke overige beperkingen van het dynamisch handelen in het
  • dagelijks leven
  • Specifieke overige beperkingen, namelijk
  •  
  1. Specifieke voorwaarden voor het dynamisch handelen in arbeid
  • (is het dynamisch handelen in arbeid door de genoemde beperkingen, of het daarop
  • gerichte compensatiegedrag, afhankelijk van specifieke voorwaarden?)
  • Nee, er gelden geen specifieke voorwaarden voor het dynamisch handelen in
  • arbeid
  • Ja, er gelden specifieke voorwaarden voor het dynamisch handelen, namelijk
  •  
  • RUBRIEK V: STATISCHE HOUDINGEN
  •  
  • Werknemer heeft
  • geen beperkingen, ga naar rubriek VI.
  • wel beperkingen, lees verder.
  •  
  1. Zitten
  • Normaal, kan ongeveer 2 uur achtereen zitten (autorit)
  • Licht beperkt, kan ongeveer een uur achtereen zitten (film)
  • Beperkt, kan ongeveer een half uur achtereen zitten (maaltijd)
  • Sterk beperkt, kan minder dan een kwartier achtereen zitten (tv-journaal)
  •  
  1. Zitten tijdens het werk
  • Normaal, kan zo nodig gedurende vrijwel de gehele werkdag zitten
  • (assemblagewerk, kassawerk, uitvoerend administratief werk)
  • Licht beperkt, kan zo nodig gedurende het grootste deel van de werkdag zitten
  • (ongeveer 6-8 uur)
  • Beperkt, kan zo nodig gedurende de helft van de werkdag zitten (ongeveer 4 uren)
  • Sterk beperkt, kan gedurende minder dan 4 uren per werkdag zitten
  •  
  1. Staan
  • Normaal, kan ongeveer 1 uur achtereen staan (toeschouwer bij sportwedstrijd)
  • Licht beperkt, kan ongeveer een half uur achtereen staan (wachttijd voor attractie in
  • pretpark)
  • Beperkt, kan ongeveer een kwartier achtereen staan (afwassen)
  • Sterk beperkt, kan minder dan ongeveer 5 minuten achtereen staan (tanden
  • poetsen)
  •  
  1. Staan tijdens het werk
  • Normaal, kan zo nodig gedurende het merendeel van de werkdag staan
  • (verkoopfuncties, productiefuncties)
  • Licht beperkt, kan zo nodig gedurende de helft van de werkdag staan (ongeveer 4
  • uren)
  • Beperkt, kan zo nodig gedurende een beperkt deel van de werkdag staan
  • (ongeveer 1 uur)
  • Sterk beperkt, kan gedurende minder dan ongeveer een half uur per werkdag staan
  •  
  1. Geknield of gehurkt actief zijn
  • Normaal, kan tenminste 5 minuten achtereen geknield of gehurkt actief zijn
  • (tuinieren)
  • Beperkt, kan minder dan 5 minuten achtereen geknield of gehurkt actief zijn (deur
  • aanrechtkastje afnemen)
  •  
  1. Gebogen en/of getordeerd actief zijn
  • Normaal, kan tenminste 5 minuten achtereen gebogen en/of getordeerd actief zijn
  • (stoep vegen)
  • Beperkt, kan minder dan 5 minuten achtereen gebogen en/of getordeerd actief zijn
  • (schoenveters strikken)
  1. Boven schouderhoogte actief zijn
  • Normaal, kan tenminste 5 minuten achtereen boven schouderhoogte actief zijn
  • (gordijnen ophangen)
  • Beperkt, kan minder dan 5 minuten achtereen boven schouderhoogte actief zijn
  • (gloeilamp verwisselen)
  1. Het hoofd in een bepaalde stand houden tijdens het werk
  • Normaal, kan zo nodig gedurende het merendeel van de werkdag het hoofd in een
  • bepaalde stand houden (beeldschermwerk, kwaliteitscontrole)
  • Licht beperkt, kan zo nodig gedurende de helft van de werkdag het hoofd in een
  • bepaalde stand houden (ongeveer 4 uren)
  • Beperkt, kan zo nodig gedurende een beperkt deel van de werkdag het hoofd in
  • een bepaalde stand houden (ongeveer 1 uur)
    Sterk beperkt, kan gedurende minder dan ongeveer een half uur per werkdag het
  • hoofd in een bepaalde stand houden
  •  
  1. Afwisseling van houding
  • Normaal, geen specifieke opeenvolging van verschillende houdingen vereist
  • Specifieke eisen aan afwisseling van houdingen, namelijk
  •  
  1. Overige beperkingen van statische houdingen
  • Normaal, geen specifieke overige beperkingen van statische houdingen in het
  • dagelijks leven
  • Specifieke overige beperkingen, namelijk
  •  
  1. Specifieke voorwaarden voor statische houdingen in arbeid
  • (zijn statische houdingen in arbeid door de genoemde beperkingen, of het daarop
  • gerichte compensatiegedrag, afhankelijk van specifieke voorwaarden?)
  • Nee, er gelden geen specifieke voorwaarden voor statische houdingen in arbeid
  • Ja, er gelden specifieke voorwaarden voor statische houdingen, namelijk
  •  
  • RUBRIEK VI: WERKTIJDEN 
  1. Perioden van het etmaal
  • Normaal, kan zo nodig op elk uur van het etmaal werken, ook ‘s nachts
  • Beperkt, kan ‘s nachts niet werken (00.00 – 06.00 uur)
  • Beperkt, kan ‘s avonds niet werken (18.00 – 24.00 uur)
  •  
  1. Uren per dag
  • Normaal, kan gemiddeld tenminste 8 uur per dag werken
  • Enigszins beperkt, kan gemiddeld niet meer dan ongeveer 8 uur per dag werken
  • Licht beperkt, kan gemiddeld niet meer dan ongeveer 6 uur per dag werken
  • Beperkt, kan gemiddeld niet meer dan ongeveer 4 uur per dag werken
  • Zeer beperkt, kan gemiddeld niet meer dan ongeveer 2 uur per dag werken
  •  
  1. Uren per week
  • Normaal, kan gemiddeld tenminste 40 uur per week werken
  • Enigszins beperkt, kan gemiddeld ongeveer 40 uur per week werken
  • Licht beperkt, kan gemiddeld ongeveer 30 uur per week werken
  • Beperkt, kan gemiddeld ongeveer 20 uur per week werken
  • Zeer beperkt, kan gemiddeld ongeveer 10 uur per week werken
  •  
  1. Overige beperkingen ten aanzien van werktijden
  • Normaal, er zijn geen specifieke overige beperkingen ten aanzien van werktijden
  • Specifieke overige beperkingen, namelijk
  • Naam (bedrijfs)arts: Datum: